Geplaatst in Uncategorized | Een reactie plaatsen

De man van het licht, begin

‘Buiten adem belde Jelena aan bij de toekomst, ze kon maar net bij de bel. Het kolossale gebouw had de trots in zich om keizers te ontvangen met vlaggen en hoorngeschal. Statig keek het op Jelena neer. Maar de masten waren als de kale takken van de late herfst en op de gevel bladderde de verf hier en daar af. Een gebouw met de ezelsoren van een reisdagboek.’

De eerste alinea uit de debuutroman ‘De man van het licht’ van Katrien Scheir. Vanaf 18 september in de boekhandel!

Java Bookshop, Amsterdam

Geplaatst in Uncategorized | Een reactie plaatsen

De man van het licht

Het is er. Mijn boek. Helemaal in het echt. Vanaf zaterdag 18 september in de boekhandel!

Geplaatst in Uncategorized | Een reactie plaatsen

To do

Geplaatst in Uncategorized | Een reactie plaatsen

Uitnodiging

Wees welkom bij De Groene Waterman!
(wel even aanmelden – zie mailadres)

Geplaatst in Uncategorized | Een reactie plaatsen

Op weg naar een boek

16 augustus

Voorbereidingen persvoorstelling en boekpresentatie bij Uitgeverij Vrijdag in Antwerpen.

23 augustus
Eindelijk konden we elkaar echt in de ogen kijken en proosten in Amsterdam… Een bijzondere ontmoeting was het met redactrice Willemijn Lindhout en uitgever Martijn Couwenhoven. Afgelopen jaar werkten we intensief samen maar zonder elkaar ooit te ontmoeten.
‘De man van het licht’ verschijnt 25 september bij de Uitgeverij Oevers (@uitgeverijoevers).

debuutroman #demanvanhetlicht #katrienscheir #uitgeverijoevers #redactie #bookstagram #theater #schrijven

Geplaatst in Uncategorized | Een reactie plaatsen

Vogelverschrikker


17 JULI 2021


De tijd van vogelverschrikkers is voorbij. De mannetjes met kiekenborstje die het land en het voedsel bewaken zijn met uitsterven bedreigd. Steeds in elkaar geknutseld door een plaatselijke creatieveling, de ene al genialer dan de andere. Ze kwamen tot leven, haalden fratsen uit zoals Pinokkio, zwaaiden hun armen uit de kom en logen hun neus in een erectie. Duvels lenige lappenpoppen, grappige marionetten, hoewel, marionet. Pinokkio werd pas echt een marionet toen hij veranderde in vlees en bloed, vanaf dat moment liep hij pas braaf in de pas.
Ook de middeleeuwse schildwacht, slechts een lodderoog opgetrokken als een oud luik, is al lang prehistorisch. Die snurkende veelvraat bestaat niet meer. Tijdens z’n dutje stootte hij steevast naar bier riekende wolkjes uit, hij was de oppas die een oogje dichtkneep en nog vertrouwen had in de sprookjes waarin ik wil geloven toch. Grenzen aangeven is niet meer zachtjes leren ‘Nee’ zeggen als een tere ziel bij de therapeut. Het is geen onbeweeglijk en onverstoorbaar mediteren zoals bij de Britse wacht. Het gaat er direct grof, geraffineerd en gespannen aan toe, al is de tegenstander een kwetsbaar pluimbeest.
Zou het, dat de vogels hun verschrikkers gewoon zijn geworden, dat de verschrikkers hen te zachtaardig verwelkomden met een clownesk dansje en de kolder in de kop van stro? Dat ze hen zelfs een graantje lieten meepikken en dat zelfs dwaalgasten niet meer opkeken en gewoon mochten bestaan?
Zoals het kanon op het zonnebloemenveld. Tijdens het broedseizoen in mei stond hier namelijk een kanon in plaats van zo’n originele, zelfgemaakte grenswachter, zo’n acteur zonder duur kostuum. Ook in de landbouw gaan ze erop vooruit met de technische snufjes. Het is maar de vraag of dat ook vooruitgang in de beschaving heet.
Aan de grens in Griekenland werd een maand geleden een geluidskanon getest om vluchtelingen en migranten te weren. Geen scheefgezakte grenswachter meer op zo’n plastieken terrasstoeltje, eentje die desnoods nog gemeen bromde: “Je komt er niet in want officieel besta je niet.” Het niet-bestaan, al adem je duizenden teugen in en uit, wordt er hard in gebulderd. Het kanon zou het volume van een straalmotor hebben. Europa wil meer afschrikken. Verhinderen dat vluchtelingen en migranten de Europese grens oversteken. Aan die grens heeft Griekenland al een hoogtechnologische bewaking opgezet: een stalen muur, observatietorens, nachtkijkers en nu dus dat kanon met een oorverdovend lawaai. Een zwaar beveiligde muur die aan die van Trump doet denken en een kanon dat veel weg heeft van de luide muziek die in Guantanamo wordt gespeeld, zegt Bruno Tersago.
Op de radio onderstreepte Kristien Bonneure het schokkende contrast. Dat sommige vluchtelingen het geluid van de oorlog opnieuw horen daar waar ze hopen op hulp en rust. Dat ze kort na zo’n lawaai gevangen zitten in de afschuwelijke, gekmakende stilte van isoleercellen. De kille stilte na het lawaai: het uitblijven van menselijke reactie en actie. Geen krimp, of je nu in hongerstaking gaat of niet.
Een muur en een oorverdovend kanon is niet de beste metafoor aan de voordeur van een samenleving die tegelijkertijd met papiertjes over mensenrechten koketteert. Het past in de mode van slaapbanken- en portieken met pinnetjes en schrikdraad tegen dolende mensen en voor nette pleinen, hoge muren met rechtopstaande glasscherven tegen dwaalgasten.
Mensen zijn geen vogels.

Het bordje ‘Hier waak ik’ hangt soms aan zo’n huisje dat ’t Paradijs of Weltevree heet. Daar staat dan de kop bij van zo’n moordhond die z’n tanden bloot lacht. Daar is het echt gezellig toeven denk ik dan, daar moet het vast het paradijs van vrede zijn. Alles afgebakend, de eigenaars blijven steken in de grijpreflex. Maar mijn filosofie is er vast nog eentje van een handgemaakte lappenpop.

Geplaatst in Uncategorized | Een reactie plaatsen

Niets

20 JUNI 2021

Stukje van 4 december 2019


Hij praat graag over niets. Niets is zijn passie, niets is zijn leven. Vraag hem iets over niets en hij komt op dreef want hij weet alles over niets. Na een halve eeuw blijkt hij nog steeds niet te zijn uitgekeken, uitgeschreven en uitgepraat over zijn voornaamste onderzoeksonderwerp: niets. Niets vormt de rode draad in zijn leven en dat van ons allen, volgens hem.
Gooi er een kwartje in en hij blijft praten over niets. Niets heeft veel betekenis, zegt hij. Niets heeft veel diepgang. Niets is alles. Niet iedereen staat er meteen voor open, weet hij. Je moet er in groeien. In het begin kan een mens de confrontatie niet aan met het niets. Je moet oefenen tot je niets onder de knie krijgt. Hij heeft de leeftijd bereikt waarop hij niets kan aanvaarden. Hij vindt onzingeving belangrijk. Sinds hij niets heeft leren kennen, is er een wereld voor hem opengegaan. Dat inzicht wil hij delen met de wereld, hij wil niets delen met de wereld. Met niets kan je in feite niet veel verkeerd doen. Hij kiest voor het niets en port de mensen aan dat ook te doen. Als het aan hem lag, zou hij de mensen verplichten om voor niets te kiezen. De keuze voor niets zal een meer internationale impact krijgen, benadrukt hij. In zijn investering wordt duidelijk en consequent gekozen voor het niets. Hij slaat met een vuist op tafel. Hij komt op voor niets! Er zijn al een hoop mensen mee met niets. Als het van hem afhangt, zal iedereen het niets moeten leren van bij het begin. Het niets is een uithangbord van grootsheid. Hij wil het niets dan ook meer in het buitenland aanprijzen. Overal zullen vlaggen wapperen, vlaggen met het symbool van niets. Hij wil het niets speciaal in de kijker zetten. Hij denkt ook aan een museum van het niets. Hij wil meer mensen begeleiden in het niets. Het niets is zijn voornaamste onderzoeksobject. Hij vindt dat de meeste mensen het niets onderschatten. Bovendien zijn mensen zelf niets
Oh leve niets, leve niets. Het is altijd wel iets, met niets.

Geplaatst in Uncategorized | Een reactie plaatsen

Hof van heden

HOF VAN HEDEN
“Ik kan me niet van de indruk ontdoen dat professionele tuinmannen/vrouwen de tuinen die ze onderhouden, eigenlijk haten; het brute lawaai van de machines waarmee ze het groen te lijf gaan kan alleen maar geïnspireerd zijn door haat; alleszins niet door liefde… griezelig,” schreef Kristien Hemmerechts laatst op facebook.
In mijn kinderjaren in Brasschaat zag ik ze de tuinen van de villa’s stofzuigen zoals poetsvrouwen deden met het vast tapijt binnenshuis. De statige, eeuwenoude bomen kregen er koude wintertenen van. Zo’n groen vloerkleed is nu eenmaal een ideaal uit Schöner Wonen. Een voetbalveld voor bewoners die er nooit komen. Behalve dus de tuinman met zijn gigantische zitmaaier.
De tuinman die op je vraag ook al je struiken in iglovormen en cilinders knipt, kortwiekt, muilkorft, snoert, strak in het korset, dan kunnen ze er weer tegen. Een handige harry is die knecht, hij harnast het struikgewas in een ommezwaai. En of er nog wat in dat struikgewas ruist? Nee hoor, de krachtpatser gaat ook door tijdens het broedseizoen, niet treuren om een nestje meer of minder. De villabewoner heeft een tuinfeest voor ogen. Keurig zal het zijn. Het zal lijken op het eeuwige leven, een proper leven bovendien.
En zo zaniken er elke zondag grasmaaiers door het vogelkoor en haar pauzes. Alles voor een kort en effen voetbalveld en protserige planten netjes op een rij, bomen met een frisse coiffure. Geen ruige madelief of paardenbloem die nog rommelig staan te doen.
Straks is heel de aarde kaalgeschoren. Een kort kopje is het makkelijkst toch?
Een zin van Reve, de stilist, zegt ook genoeg: ‘Aan de rododendron deed een Pekinees zijn behoefte.’
Deze maand wordt er opgeroepen om van je tuin langharig werkschuw tuig te maken.
‘Twijfel je nog of je iets wil doen voor de natuur? Doe dan vooral niks’” Laat je gras in mei gewoon groeien. Zo maak je van je tuin een stuk vrije natuur en dat heeft een ongeziene impact op de biodiversiteit. Met Maai Mei Niet vragen we je om de hele maand mei (een deel van) je gazon niet of minder te maaien. Door minder te maaien geef je wilde bloemen en plantjes de kans om te groeien. En zij vormen een rijkelijk buffet voor bijen, vlinders, hommels, kevers…
De wereld gaat aan vlijt ten onder, de titel van een roman van Max Dendermonde werd een quote. Maar na de ratrace en de burn outs mogen we thuis nu Doornroosje zijn en het slapend laten groeien zoals Sam Gooris’ liedje van weleer.
De actie is niet zomaar een geitenwollensokkendroom. Ze ontkent het nut van snoeien niet. Wel gaat ze weloverwogen in tegen inefficiëntie en vervuilende tamheid. Ze levert bovendien ook nog eens schoonheid op.
Laatst gaf ik een tuinman zwijgzaam een boek van Vita Sackville-West, nadat ik hem ook tekeer had zien gaan, fierder op z’n machines dan op de struiken en de bloemen, kruiden en vogels.
Ik durfde niks zeggen, bang dat ik leek op een stadsburger met een naïef groen plan. Bang om versleten te worden voor boomknuffelaar met een vaag ideaal. Of om ecofascist te worden genoemd, eentje die wil ‘herwilden’ en prehistorische picknicks organiseert.
Vita Sackville-West ( 1892 – 1962) was schrijfster en creëerde tuinen. Ook haar boeken over die tuinen zijn literaire parels. Een tijd was ze de geliefde van Virginia Woolf. Ze nam tijd om te denken en wat ze schrijft is actueel en vervuld van liefde:
“Mijn voorliefde voor onbekrompen tuinen is onverbrekelijk verbonden met mijn tuinfilosofie. Ik houd van gulheid waar ik die vind, in tuinen of ergens anders. Ik heb een hekel aan dingen die schriel en armelijk zijn. Zelfs de kleinste tuin kan overvloed hebben binnen zijn eigen beperkingen en ik wilde u nu voorstellen om eens te proberen uw rozen niet tot haast aan de grond toe af te slachten, tenminste dit jaar niet, en om te kijken wat er dan gebeurt.”
Er zijn dringend meer indianen nodig tussen de cowboys. Hun aarde heet tenminste een goede moeder.
Ik wil biologen en filosofen in de tuin in plaats van tuinmannen die nog nooit van Vergilius of Vita Sackville-West hebben gehoord. Ik zoek tuinmannen die onthaasten in de tuin in plaats van vluchten en razen naar de plek waar de dood hen komt halen.
Geplaatst in Uncategorized | Een reactie plaatsen

Racist met goede punten


30 APRIL 2021

Naar aanleiding van het proces over de dood van George Floyd een blog van 10 september 2020

Op het proces over de dood van George Floyd in Minneapolis, in de Verenigde Staten, is de voormalige agent Derek Chauvin over hele lijn schuldig bevonden. Floyd stierf in mei vorig jaar tijdens een hardhandige arrestatie, waarbij Chauvin bijna negen minuten lang zijn knie op de nek van Floyd hield. Diens dood leidde in de VS maar ook wereldwijd tot protesten tegen racisme en politiegeweld. Het ministerie van Justitie voert intussen een breder onderzoek naar politiegeweld in Minneapolis

Kan een les rond George Floyd?” polste ik bij collega’s die de school al langer kenden. “Natuurlijk,” zei de leraar Engels. “Het is de actualiteit,” viel de leraar geschiedenis bij: “Ze hebben net de Amerikaanse burgeroorlog gezien.”
“Vandaag maken wij een portret van George Floyd,” zeg ik vol goede moed. “Iemand al van hem gehoord?” Ja hoor, zeker sinds zijn dood werd hij erg bekend.
Dat zwarte levens er ook toe doen, zegt er een. Er ontstaat een gesprek over de pers en over de demonstraties.
Dan vertel ik over de kunst van het kijken. Over traag een blik durven lezen en traag de prikkels verwerken. Over meer zien en denken en voelen door die vertraging. Verder dan de contouren en de dunne oppervlakte, de huid. “Leg je meetlatten weg,” zeg ik. “Breek de muren van het instituut. Kijk naar het gezicht, raak het aan met je ogen en laat het potlood dansen op het papier.” Een portret is anders dan een profiel, anders dan een flits-selfie. Een hoofd is geen schreeuwende kop in de krant. Kijken en lezen, niet koppensnellen.
“De verhoudingen,” zeg ik, “zoek ze rustig. De lijn van de ogen bijna in het midden, de horizon van het gezicht, niet op het voorhoofd.” Ja, een klassieke fout. Maak de vormen organisch, de lijnen ronder. Durf dat.
Een jongen in opzichtige merkkleren weigert. Zeker een kritische puber. Lef voor protest. Democratie en inspraak beginnen al vroeg in dit instituut. Transparantie is er belangrijk. Het kereltje beroept zich op ‘de neutraliteit van de school’. “Is kijken dan niet neutraal?” vraag ik plagerig. Ik spoor trouwens niet aan om voor deze of gene zijde te kiezen in dit niet-exacte vak dat toch steeds het exacte zoekt. Ik spoor alleen aan tot kijken naar een gezicht dat overal verschijnt sinds een agent het niet wilde aankijken en het stukmaakte met z’n knie. Dat is alles.
De jongen wil niet. Hij vindt de les niet neutraal en gaat nog voort met dat woord: “George Floyd had een strafblad en werd gewoon geneutraliseerd.”
‘Gewoon’ geneutraliseerd door de politie, die deed zijn ‘gewoon’ werk. En ik moet ook ‘gewoon’ neutraal mijn werk doen en ophouden met zo’n vieze lesjes geven als een portret tekenen van een lastpak met een strafblad.

Polariseer ik nu ook? denk ik terwijl ik kopieën uitdeel. Dwing ik tot keuze door te tonen? Ik draai het blad om met daarop het gezicht van George Floyd. Een strafblaadje, zo je wil. Of is de mensenkant ook een subjectieve kant? En staan daartegenover de neutrale automaten: blanco blaadjes in merkkledij, jongetjes van zes miljoen?
Er ontstaat discussie. Het gezicht van George Floyd lokt wat uit. Sommigen zoeken naar de verhouding en steunen op hulplijnen. Anderen krassen schichtige vluchtlijnen. Sommigen gommen, zoeken een ander perspectief. De jongen heeft nog steeds niet in de blik gekeken van de bekende dode man.
”Teken op groot formaat,” zeg ik kordaat. “Geen schools kantlijnkrabbeltje. Kleur buiten de lijnen.” “Kom,” zeg ik tegen de jongen vol logo’s op zijn kleren, “we gaan feitelijkheden tekenen. We tekenen een gezicht en de schaduw daarin.” De jongen lacht me uit.

“Kennen jullie Les Miserables?” vraag ik wat later. “Die flik, Javert. Mechanisch, ijverig en technisch voerde hij de wetjes uit. Hij stond boven de wet. Neutraal, dacht hij. Neutraal banaal kwaad. Wanneer ze worden aangemaand en vriendelijk verzocht om het onderwerp aan te raken, in de ogen te kijken, grijpen ze naar regeltjes en pistooltjes. Ze neutraliseren met neutraliteit. Ze sommen de regeltjes op als papegaaien. Schietgebedjes. Ze waren zeker de beste van de klas, de beste van de school, de beste van de maatschappij. Allemaal hoge punten. Flink vanbuiten geleerd. Alles vanbuiten. Vanbuiten voor het imago, netjes geschoren kort kopje, zindelijk, blanke huid. In het Frans zeggen ze: par coeur. Niet vanbuiten.
Hoe behaalden zij de eindtermen? Hoe geraakten zij aan diploma’s? En waarvan kwam de haat? Wat kwamen ze tekort?

Praten over verdraagzaamheid wordt al snel als politiek beschouwd terwijl het filosofisch en moreel is. Kan ethiek los van een feit staan? Is dat de emotie uit het debat halen? De feiten distilleren? Wordt hier emotie niet verward met ethiek?

Op de social media echode de akelig vinnige kilte die De Wever en de zijnen lanceerden en die steeds vaker als normaal wordt beschouwd. 16 minuten lang zat een agent akelig kil met zijn volle gewicht op de borstkas van de Slovaak Jozef Chovanec.
Een vrouwelijke agente bracht tijdens dit politieoptreden de Hitlergroet. “Het ongedierte vraagt er toch om.” Wraak en de doodsstraf worden uit de losse pols geschud en getikt op het klaviertje. Bij de feiten blijven. Stoute meneer, daarom dood. Normaal, neutraal. Moord verdedigen is normaal neutraal. De rest is emoterreur.

Het gaat te snel op het klavier en achter dat scherm, tik tok van gedachten, tiktok van moraal, zelfs mooie liedjes mogen niet meer helemaal gespeeld, al duren ze niet eens zo lang, alles passeert, prikkelt, verwerkt niks. Een hoop scheten en drek, mensen praten met hun gat. Primeurtje halen met een strontkop. “Ongedierte!” schetteren de achterwerken die geen gezicht willen zien. “Afmaken,” stond er ook in Thin Blue Line Belgium, de besloten facebookgroep van de politie. De enige remedie tegen vreemdelingenplagen. Verdelgen is de boodschap. Je mag de politie niet beschamen, de politie is uw vriend. Het leven is een safe space, toch voor sommigen. Je hebt veel vrienden dan.

Aan de Kroatische grens stelden hulpverleners een programma op om slachtoffers van de grenspolitie te verzorgen. Vluchtelingen worden daar verwond door de politie.
De grensflikken waren geslaagd aan die politieschool. Wat hadden ze geleerd? Ook de fils à papa’s van Reuzengom, die de ingenieursstudent Santa Dia folterden tot de dood erop volgde, zaten al op de univ, om rechter te worden en advocaat. Op kosten van papa. Sommigen zijn nu afgestudeerd, welke les hebben ze geleerd?

De bel gaat. De jongen met de merkkleren geeft zijn taakje af. Op een kunstvak staan er niet veel punten. Het kereltje durfde niet naar het licht en het gezicht kijken. Elk portret is een zelfportret, zegde mijn mentor. Zijn blad is blanco.

Geplaatst in Uncategorized | Een reactie plaatsen